Basisgezondheidszorg kan moedersterfte wegwerken

Inleiding

Moedersterfte is het overlijden van een vrouw tijdens de zwangerschap of binnen de 42 na het einde van een zwangerschap.

De moedersterfteratio (Maternal Mortality Ratio of MMR) is het aantal vrouwen dat tijdens de zwangerschap of bij de geboorte van een kind sterft per 100 000 geboortes.

In 2010 waren er 287 000 moedersterftes: 98% in ontwikkelingslanden en 85% in sub-Saharisch Afrika en Zuid-Azië. De MMR bedroeg 240 in ontwikkelingslanden, maar slechts 16 in ontwikkelde landen. De kans dat een 15-jarige meisje zal sterven ten gevolge van moederschap is 1 op 32 in Afganistan en 1 op 39 in sub-Saharisch Afrika, vergeleken met 1 op 3800 in ontwikkelde landen.

Oorzaken

Vier belangrijke verwikkelingen zijn de belangrijkste oorzaken van moedersterfte:

  1. Bloeding: oorzaak van 33,9% van de moedersterfte in Afrika, 30,8% in Azië, 20,8% in Latijns-Amerika.
  2. Sepsis: veroorzaakt 9,7% van de moedersterfte in Afrika, 11,6% in Azië en 7,7% in Latijns-Amerika.
  3. Hypertensie: veroorzaakt 9,1% van de moedersterfte in Afrika, 9,1% in Azië en 25,7% in Latijns-Amerika.
  4. Geblokkeerde arbeid: veroorzaakt 4,1% van de moedersterfte in Afrika, 9,4% in Azië en 13,4% in Latijns-Amerika.

Acties

De vier belangrijkste acties om moedersterfte te beperken vinden hun plaats in basisgezondheidszorg, met name:

  1. Prenatale zorg met info over zwangerschap en bevalling en over de toegang tot ervaren vroedvrouwen.
  2. Beschikbaarheid van ervaren vroedvrouwen, die getraind zijn om problemen snel te herkennen, overdracht van besmettingen te vermijden, rust en rehydratie aanmoedigen en de placenta kunnen behandelen om bloedverlies te vermijden, samen met andere kwalificaties.
  3. Goed uitgeruste geboortefaciliteiten met minimale medicatie om belangrijke verwikkelingen te behandelen.
  4. Een infrastructuur voor gezondheidszorg met opleidingsmogelijkheden en transportmogelijkheden.

 Een voorbeeld, Chili

In 1931 legaliseerde Chili abortus indien nodig om het leven van de moeder te redden.

In 1937 was de MMR gestegen tot zijn hoogste graad, nl. 989,2.

Een moeder- en kindwet die prenatale zorg invoerde, deed de MMR met 72,6% zakken tot 270,7 in 1957.

Verplichte opleiding, uitwerking van gezondheidsprogramma’s voor moeder en kind, geboorteregelingsprogramma’s en water- en rioleringsverbeteringen deden de MMR verder zakken.

Begeleiding door ervaren vroedvrouwen nam toe van 60,8% van de geboortes in 1975 naar meer dan 90% in 1980 en 99% in 1990.

In 1990 werden de restricties op abortus verstrengd en zakte de MMR van 42,1 in 1990 tot 18,5 in 2004. Dit is een vermindering van 56% in minder dan 15 jaar, waarbij proportioneel de belangrijkste verlaging MMR in het armste kwintiel gevonden werd.

Besluit

De sleutel tot reductie van MMR zijn een degelijke basisgezondheidszorg in de vorm van prenatale zorg, beschikbaarheid van ervaren vroedvrouwen, goed uitgeruste geboortecentra en infrastructuur voor gezondheidszorg zoals opleidingsmogelijkheden en transport.

Bron: World Youth Alliance, White Paper, november 2012

 

 

Posted in Artikels, Medisch, Sociologisch-maatschappelijk and tagged , , .